Kind moet kunnen lezen en alle objecten en acties en plaatsen al kunnen benoemen
Klik hier om te Oefenen op de computer
NB. EERST oefen je het niveau op de computer en dan doe je de werkbladen van datzelfde niveau.
Pas als ze die beheerst, dan mag ze naar het volgende niveau.
Werkbladen Categoriseren object / plaats / actie
Gevraagd wordt naar het object. intrainen van met een... en met.... in antwoord op de vraag: waarmee?
Omcirkel: je poetst je tanden met een tandenborstel / wc-borstel / bezem
Waarmee veeg je de vloer ? Met een bezem. Juiste antwoord copieren.
waarmee was je je handen ? Vul het juiste antwoord in.
Je wast je handen met _______________ Vul het juiste antwoord in.
Oefen kaarten, zodat je het mondeling kan oefenen (heel belangrijke stap). Let eventueel de objecten op tafel)
Volgende stap zal zijn dat er gevraagd wordt wat je ermee doet en dan moet zij de actie noemen. Met zeep kan je je _____________ b.v.

BCBA-certificering nr.: 1-14-16
Gecertificeerd door de BACB sinds 2014.
ACE-aanbieder nr.: IP-25-11837

RDI-certificering
Gecertificeerd RDI-consulent sinds 2022.
Adres
Nijlring 83
5152 VJ DRUNEN
NEDERLAND
Tel: +33 6 38 79 36 41
Contact
caroline@aba-instituut.nl